Aanmelden
Menu

Vaststellen van een diagnose & intelligentie bepaling

Juiste niveau

De cliënt op het juiste niveau aanspreken, begeleiden en daar waar nodig behandelen, dat is binnen onze praktijk van het grootste belang. Soms kan het dan helpen om een intelligentiemeting en/of psychologisch onderzoek uit te voeren. Zo kunnen we beter de ‘software’ van iemand doorgronden.

Totaalplaatje

Een duidelijk totaalplaatje van een cliënt helpt om zorgvuldig de juiste route voor hem of haar uit te stippelen. Ook kan het van waarde zijn bij het bepalen van een schoolkeuze. Een meting voorkomt dat een cliënt wordt overvraagd of juist ondergestimuleerd. In beide gevallen kan dat tot gedragsproblemen leiden.

De onderzoeken vinden plaats volgens een vast stramien. Ze worden op de praktijk of desgewenst thuis uitgevoerd. Voor jongeren wordt de ‘WISC’ gebruikt, een veelgebruikte intelligentietest voor kinderen tussen de 6 en 16 jaar, met als uitslag een IQ-score. Het kind hoeft niet te kunnen lezen of schrijven om de test te kunnen uitvoeren.

Voor zowel jongeren als volwassenen kan het nuttig zijn om een persoonlijkheidsonderzoek uit te voeren, eventueel in combinatie met een intelligentietest. Zo’n persoonlijkheidsonderzoek kan bijvoorbeeld uitwijzen of iemand een stoornis binnen het autistisch spectrum heeft, of er wordt een diagnose als ADHD of ADD gesteld. Daarnaast is het mogelijk voortgangsdiagnostiek af te nemen om (opnieuw) richting te geven aan een al ingezet behandel- begeleidingstraject.

'De WISC'

De onderzoeken vinden plaats volgens een vast stramien. Ze worden op de praktijk of desgewenst op school uitgevoerd. Voor jongeren tussen de 6 en 16 jaar wordt ‘de ‘WISC’ gebruikt, een veelgebruikte intelligentietest die wetenschappelijk onderbouwd is.

‘WAIS’

Volwassenen kunnen worden getest met behulp van ‘de WAIS’. Deze test laat niet alleen het IQ zien, maar kan ook veel vertellen over de persoonlijkheid van de deelnemer en de mogelijke aanwezigheid van neuropsychologische en psychiatrische stoornissen. In de test wordt gekeken naar het werkgeheugen en de verwerkingssnelheid en naar psychometrische eigenschappen (kennis, vaardigheden, attituden, eigenschappen en persoonskenmerken).